Verwachtingen voor technisch advies - deel II

Verwachtingen voor technisch advies - deel II
Ontmoet de experts

Ontmoet de experts
Hoe gaat het met de technische adviesbureaus? Welke uitdagingen komen ze tegen? Is een lage
koolstofvoetafdruk de oplossing? En hoe ziet de toekomst er uit voor commerciële gebouwen?
Voor antwoorden op deze vragen vroeg Grundfos de mening van twee mensen met hun vinger
aan de pols. Eerst luisteren we naar Dr. Dorte Rich Jørgensen, senior manager duurzaamheid bij
Atkins; en daarna krijgen we de standpunten van John Deasy, commercieel directeur Verenigd
Koninkrijk bij Hilson Moran.

Dr. Dorte Rich Jørgensen
Dr. Jørgensen is recentelijk actief geweest als manager duurzaamheid voor Atkins op het Olympische
Park van Londen 2012. Dr. Jørgensen heeft 23 jaar ervaring in het succesvol inbedden van
duurzaamheid in de gebouwde omgeving en infrastructuur bij een aantal baanbrekende en met
prijzen bekroonde projecten. Ze is gasthoogleraar innovatie aan de Heriot-Watt Universiteit en
een lid van de Chartered Institution of Building Services Engineers (CIBSE).

Atkins is een toonaangevend technisch advies- en ontwerpbureau met kantoren in het Verenigd
Koninkrijk, Noord-Amerika, het Midden-Oosten, Azië en Europa. Het bedrijf met het hoofdkantoor in
Londen is betrokken bij meerdere wereldwijde, toonaangevende ontwerp- en bouwprojecten -
zowel in eigen land als in het buitenland.

John Deasy

Bij Hilson Moran spreken we met John Deasy, commercieel directeur Verenigd Koninkrijk. John Deasy
combineert ervaring uit de bestuurskamer met projectwerkzaamheden. Hij maakt ons deelgenoot
van zijn inzichten over de toekomst van de branche op basis van zijn ervaring op alle niveaus.

Hilson Moran is een toonaangevend onafhankelijk multidisciplinair adviesbureau. Het bedrijf
heeft een netwerk van kantoren in het Verenigd Koninkrijk, Europa en het Midden-Oosten, met
het hoofdkantoor in Londen. Hilson Moran biedt een compleet pakket aan technische diensten.

De mening van Atkins

Uitdagingen aangaan: teamwork door heel de productieketen

Atkins in het kort:
Werknemers: 17.400 wereldwijd

Omzet: GBP: 1,72 miljard

Opgericht: 1938

14 de grootste ontwerpbureau ter wereld

Grootste multidisciplinaire adviesbureau van Europa

 

DORTE RICH JØRGENSEN

Dr. Dorte Rich Jørgensen, hoofdingenieur duurzaamheid, Design & Engineering, Atkins (foto: Adrian Houston).

 

Wat zijn volgens u de grootste uitdagingen voor de industrie?

DRJ: Het zal een enorme klus voor de industrie worden om de huidige vaardigheden aan te passen aan de veranderende eisen naar een meer duurzame aanpak om een oplossing te bieden voor de opwarming van de aarde terwijl de economie midden in een overgang zit. Maar de Olympische en Paralympische Spelen van Londen 2012, waarbij Atkins betrokken is, hebben laten zien dat het mogelijk is voor duizenden (bouw) technische professionals om zo’n ‘paradepaardje’ project, met een grote inbreng voor duurzaamheid, binnen budget en op tijd te realiseren. Met meer vergelijkbare projecten zullen klanten en de industriële teams in staat zijn om deze grote uitdagingen aan te gaan.


Mijn ervaring is dat de beste ontwerpen doorgaans
worden gecreëerd door teams die nauw
samenwerken door de hele productieketen
heen, en elkaar beïnvloeden door excellentie te
leveren.

Dr. Dorte Rich Jørgensen

Kunt u ons een voorbeeld geven van hoe de industrie duurzaamheidsdoelstellingen probeert te halen?

DRJ: Ik was onderdeel van het Atkins ontwerpteam voor infrastructuur voor het project van de
Olympische en Paralympische Spelen in Londen 2012. As manager duurzaamheid bij Atkins werkte
ik met de klant samen om te zorgen dat de duurzaamheidsdoelstellingen werden gehaald. Zo
haalden de Wetland Bridges de hoogste score tot op heden (98,3%) op de CEEQUAL duurzaamheidschaal (veel gebruikt schema voor duurzaamheidsbeoordeling op basis van bewijs).

Dit resultaat bevat veel baanbrekende ontwerpinitiatieven waaronder: het gebruik van teruggewonnen
materialen, beton gemaakt met weinig CO2-emissie en gerecyclede materialen, het vervangen
van giftige materialen door milieuvriendelijke alternatieven, het gebruik van materialen
van duurzame afkomst (bijv. hout) en het minimaliseren van afval. En daarnaast is het ontwerp
ook nog eens mensvriendelijk.

 

Wat is er zo speciaal aan gebouwen die voorbereid zijn op een lage CO2-emissie?

DRJ: Voor deze gebouwen zorgen de ontwerpers dat het benodigde energieverbruik door het
gebouw tijdens gebruik wordt verlaagd. Dit wordt bereikt door het optimaliseren van basisparameters
zoals de bouwrichting, de verhouding glas/schaduw voor optimalisatie van daglicht, het
isolatiemateriaal etc. Verder moet op energiezuinige wijze worden voldaan aan de energie-eisen
tijdens gebruik, bijv. door gebruik te maken van natuurlijke ventilatie, terugwinning van warmte,
effectieve regeling van verlichting en keuze van energiezuinige apparatuur.

Voordat een gebouw wordt overgedragen aan de klant moet het bij aanvang in bedrijf worden
gesteld, en steeds opnieuw gedurende het jaar om aan te kunnen passen aan veranderingen gedurende de seizoenen.

Na het overdragen moet er ook heldere begeleiding voor de beheerder van het voltooide gebouw
zijn, om te zorgen dat het gebouw wordt gebruikt en onderhouden op de manier waarvoor het
ontworpen is.

De mening van Hilson Moran

Stimuleren van innovatie en nieuwe oplossingen

Hilson Moran in het kort:
Werknemers: meer dan 200

Hoofdkantoor: Londen

Eén van de grootste onafhankelijke technische adviesbureaus in het Verenigd Koninkrijk

 


We denken dat de rol van ingenieurs belangrijker
wordt bij het verlichten van de klimaatverandering
en energiekosten, door klanten door
het steeds groter wordende woud van regels en
wetgeving te leiden.

John Deasy

John Deasy, Commercial Director UK, Hilson Moran

John Deasy, Commercial Director UK, Hilson Moran


Welke grote uitdagingenkan de industrie  tegemoet zien?

JD: Er zijn vele uitdagingen, maar volgens ons zijn er twee overheersend. Als eerste de politiek. Alle overheden streven beleid na dat een positieve invloed heeft op duurzaamheid en het milieu, maar het hebben van korte regeringstermijnen en regelmatige wijzigingen in bouwregels en -wetgeving
betekent dat kortetermijn- en langetermijndoelen en -ambities met elkaar in evenwicht
moeten worden gebracht. Als ingenieurs moeten we onze klanten helpen om te voldoen
aan de huidige regelgeving, maar we
hebben ook een plicht om hen te stimuleren om uitvoerbare en kosteneffectieve oplossingen te gebruiken die helpen om echte koolstofbesparingen en rendementen te realiseren, gerekend over de hele levensduur van het gebouw.

De tweede grote uitdaging is volgens ons het verbeteren van het imago van ingenieurs. Technische
zaken, in het bijzonder (werktuig)bouwkundige diensten en loodgieterswerk, vallen buiten
het normale gezichtsveld; en als alles werkt zoals het moet, dan worden deze zaken niet opgemerkt.
De beroepsgroep moet een manier zien te vinden om hun belangrijke rol bij het ontwerpen
van gebouwen te laten zien - door innovatie en nieuwe oplossingen actief te promoten.


Als toonaangevend multidisciplinair technisch
adviesbureau moeten we in de absolute voorhoede
van de industrie zitten, en dus hebben
we specialismen ontwikkeld in infrastructuur,
renovaties en retrofit met lage CO2-emissie.

John Deasy

Waar denkt u dat Hilson Moran in de toekomst omzet en groei zal realiseren?

JD: Gebouwen moeten meer flexibel en aanpasbaar worden, om nieuwe manieren van werken
of een verandering van het uiterlijk mogelijk te maken, of om zelfs te kunnen gebruiken als eisen
veranderen tijdens de levensduur van het gebouw. En hiervoor is innovatie nodig, waardoor gebouwen
intelligenter en technologieën eenvoudiger maar slimmer kunnen worden. Het nieuwe
mantra is ‘minder is meer’.

We zien in toekomstige oplossingen ook een aantal technologieën tevoorschijn komen die we
doorgaans niet associëren met commerciële gebouwen: fotobioreactoren, brandstofcellen op waterstof
en smart glass (‘slim glas’) om een paar te noemen.

Met betrekking tot de productieketen kunnen we ons voorstellen dat een project via technologieën
zoals BIM zal leiden tot het motto “één project, één team, één levering” waarbij risico en
opbrengst gedeeld worden en iedereen naar een gemeenschappelijk doel toewerkt. We verwelkomen
dit met open armen.

Wat kunnen we in de nabije toekomst verwachten?

JD: 

Groeigebieden zijn vaak gerelateerd aan het bevorderen en het bereiken van duurzaamheid. We hebben mechnanismen gecreeerd om onze klanten te laten zien hoe verschillend onze benaderingen voordelen kan bieden, in termen van kostenbesparingen, efficiency en een verminderd effect op klimaat-verandering. We verwachten ook meer innovatieve manieren om projecten te financieren, door te werken met klanten, ontwikkelaars en financiers.


Onderhoud en nazorg worden ook steeds belangrijker
in de productieketen, zowel bij het
maken van de ontwerpen aan het begin als het
verschaffen van duurzaamheid op de lange termijn.

John Deasy

Zijn er speciale gebieden waarop Hilson Moran zich volgens u in de komende 5-10 jaar op zal richten?

JD: Een belangrijk aandachtsgebied voor ons in de komende 5-10 jaar is passief ontwerp en ‘nul
koolstof’ ontwikkelingen in lijn met de 2020 richtlijn van de Europese Unie - ten gunste van zowel
onze Europese als onze internationale klanten. Hilson Moran investeert ook in experts in infrastructuur
omdat dit de basis gaat worden voor succesvolle, duurzame ontwikkeling, en de werking
gedurende de hele levensduur sterk gaat verbeteren. Het zorgt er ook voor dat we intelligente
gebouwen realiseren die we kunnen aanpassen.

 





    Facebook Twitter LinkedIn Technorati